6 mei - Verhaal van een pelgrim

Lopende_pelgrim

Van de pelgrim Joel den Boer die naar Rome liep en begin mei aankwam, ontvingen wij het volgend bericht:

Nogmaals dank dat u en uw gemeente zo’n warm onthaal boden aan mij als pelgrim op Zondag 6 mei 2012.
Ik ben uitgebreid ingegaan op uw uitnodiging iets over mijn ervaringen te delen met de gemeente. Na afloop heb ik bijzondere gesprekken gevoerd, mede naar aanleiding van hetgeen ik aan het eind van de Viering verteld had. Hieronder vindt u een weergave van wat ik (ongeveer) gezegd heb. Hartelijke groeten. Joel den Boer
bluebar

Rome, 6-mei-2012

Mijn naam is Joël den Boer, ik ben getrouwd en wij hebben een dochter van 7 jaar. Samen wonen we in Delft, Nederland. Namens de gemeente daar mag ik u onze groeten overbrengen.
Hier sta ik dan, aangekondigd als pelgrim, maar geen vieze broek, bergschoenen, stinkend shirt en zware rugzak, maar in pak. Ik geef toe dat het imago van een pelgrim anders is. Maar wat is het imago van een pelgrim? Ja, het avontuur. Het avontuur is in 1999 in Maastricht begonnen. Samen met een vriend hebben we de tocht naar Rome in iets minder dan 100 dagen voltooid. Ikzelf echter heb de tocht ter hoogte van Bolsena moeten afbreken vanwege grote uitputting. Nu, in 2012, maak ik de tocht voor mijzelf af.
Natuurlijk is er het avontuur evenals de natuur. Het is prachtig om in Italië in mei door de bergen te trekken. De eenzaamheid en de wegen zijn tegelijkertijd gevaarlijk. Daar staat dan de onverwachte gastvrijheid weer tegenover. Ik vertel u het verhaal van een gezin dat ons bijna het onmogelijke aan onbaatzuchtige gastvrijheid heeft laten zien.
Al vier dagen liepen we in de stromende regen door de bergen. Slapen in de tent is geen optie, alles is nat. Het moet een droge warme plek worden: een hooischuur, graag. We werden bij verschillende huizen weggekeken of weggestuurd. Bij een boerderij wordt opengedaan door een zwangere vrouw die ons eerst angstig aankijkt. Als haar man thuiskomt, wordt er overlegd. We mogen wel binnenkomen, maar die avond hebben zij een afspraak buitenshuis. Nadat wij gedoucht hebben, onze beide bedden hebben opgemaakt en de vrouw onze was heeft gedaan, vertrekken ze met de mededeling dat de koffieautomaat, de koelkast en de gitaar geheel tot onze beschikken staan. Ik vind in de boekenkast een Bijbel die openvalt op Hebreeën 13 waar de Apostel schrijft ”…en vergeet de gastvrijheid niet, want zonder dat u het weet, zou u engelen onderdak verschaffen.” Tja, dat is nog eens een point of view. Ik heb er maar een briefje ingedaan met daarop de mededeling dat zij die engelen zijn om ons zo te vertrouwen.
Het gaat tijdens een pelgrimage niet om de prestatie. Niet om de gunst van wie dan ook te winnen. Al helemáál de gunst van God niet. Het is een offer om zo’n eind te lopen, maar niet om bij God ook maar iets voor elkaar te krijgen. Geloven wij immers niet dat Hij zijn Zoon heeft opgeofferd voor juist ten gunste van ons? In die zin is ook het pelgrimeren onbaatzuchtig. Ik verwacht er niets voor terug.
De weg die is gegaan en de tijd die dat heeft gekost waren desondanks heilzaam. Ik maak nu een tijd door waarin ik een zware last ervaar. Jezus zegt: ”Mijn last is licht en mijn juk is zacht.” Daaruit maak ik op dat het niet Gods bedoeling is dat ik met een zware last rondloop. Ik heb dat hardop uitgesproken en gehoorzaamd aan het beeld dat in Klaagliederen 3 wordt geschetst. “Knielend en geduldig buigt de dienaar zijn hoofd als God hem het juk oplegt.” En nu ben ik “vrij en opgericht” want Christus “brak de slavernij”, lees ik in de liturgie van vandaag.
Nadat mij officieel het certificaat van voltooiing der pelgrimage is overhandigd en de dienst wordt afgesloten met “Mijn schild ende betrouwe,… de tyrannie verdrijven die mij mijn hart doorwond”, ervaar ik hoe waar dit alles is. Ondanks mijn tranen, weet ik dat het volbracht is.
Ik dank jullie allen dat jullie mij hartelijk en warm hebben opgenomen in de gemeente en ik wens jullie Gods zegen en alle goeds. Hartelijke groeten, Joël den Boer

Afdrukken E-mail