zoeken
Banner
maandag 6 september 2010 AGENDA

15e Zondag door het jaar

Zondag 11 juli 2010

"Tra il dire e il fare, c'è di mezzo il mare..."
zeggen en doen zijn twee

De barmhartige Samaritaan bij de herberg (1633) Rembrandt 1606 – 1669ROME (Redactie) 11 juli 2010 - Gisterochtend hebben we in deze overvolle kerk afscheid genomen van een van onze gastvrouwen en bestuursleden van het Willibrord-centrum, Mevr. Dolly van Mierlo, die afgelopen woensdag is overleden. Ze laat een leegte na, die moeilijk valt te vullen. Een extra groet ook aan alle vrijwilligers van deze kerk die zich elke zondag inzetten om iedereen van buiten te ontvangen met een woord en een daad en die nu een collega kwijt zijn.


De Viering

Hoofdcelebrant: mgr. dr. Everardus Johannes de Jong,
hulpbisschop van Roermond
Preek: diaken Kees van Duin
Aanvang: 10:30u



Intrede




Intredezang: "Hier wordt een huis gebouwd..."


Opening en begroeting


Goede morgen en welkom Mgr. De Jong, die vandaag op de 15de zondag door het jaar voorgaat in deze warme Friezen-kerk, ook pater Lindeijer en u allen die van ver is gekomen om zelfs op de vakantie de zondagsviering mee te beleven en de juli hitte van Rome heeft getrotseerd.
Gisterochtend hebben we in deze overvolle kerk afscheid genomen van een van onze gastvrouwen en bestuursleden van het Willibrord-centrum, Mevr. Dolly van Mierlo, die afgelopen woensdag is overleden. Ze laat een leegte na, die moeilijk valt te vullen. Een extra groet ook aan alle vrijwilligers van deze kerk die zich elke zondag inzetten om iedereen van buiten te ontvangen met een woord en een daad en die nu een collega kwijt zijn.
Het Evangelie dat we straks gaan beluisteren gaat over klaar staan met woord en vooral daad. We horen ook over wetten, over de Thora, zoals de Joden zeggen, die voorschrijven wat we wel en niet moeten doen om het leven te bewaren, zoals we lezen in de eerste lezing. Het toepassen ervan levert nogal eens moeilijkheden op. Laat ik het met een Italiaans spreekwoord verwoorden. “Tra il dire e il fare, c'è di mezzo il mare”. Wij hebben in het Nederlands ‘n simpelere uitdrukking: ‘zeggen en doen zijn twee’. Dan moet ik er meteen aan toevoegen: niet voor God dus. Niemand zal toegeven dat ie volmaakt is en laten we daarom, voordat we samenkomen rondom het altaar, God om vergeving vragen.


mgr. dr. Everardus Johannes de Jong


Dienst van het Woord


Eerste lezing: Deut.13, 10-14; Bouwien Heimensen uit Nijkerk (Gld)

pater Piet Cuijpers
Na de eerste lezing Psalm 69: "Ubi caritas et amor..."


Tweede lezing: Kol. 1,15-20; Dick Recourt uit Hendrik Ido Ambacht (Z.Hld)


Evangelie

diaken Kees van Duin, links acoliet  Bastiaan van Rooijen (Leiden)
Lucas 10,25-37


Homilie

De Samaritaan

diaken Kees van DuinBroeders en zusters, de eerste lezing van vandaag spreekt duidelijke taal: “De geboden die ik u gegeven heb zijn niet te zwaar voor u en liggen niet buiten uw bereik. Ze zijn niet aan de overkant van de zee. Het zijn geboden van heel dichtbij, u kunt ze in u opnemen en u eigen maken.” Met anderen woorden: het ‘luisteren naar’ en ‘uitvoeren van’ gaan op - in één en dezelfde handeling. Ze liggen binnen ons bereik en horen ons dus met hart en ziel toe. Toch veroorzaken die geboden heel wat hoofdbrekens, zoals wel blijkt uit de vraag in het evangelie: “Meester wat moet ik doen? En iets verderop: “Wie is mijn naaste?” Jezus antwoordt wel vaker met een verhaal en verplaatst op die manier onze aandacht, die niet veel verschilt van die van de wetgeleerde, naar een nieuwe kijk op het leven. Hij màg het zeggen, want Jezus is het, van wie de Hebreeën-brief (Hebr.10,7) schrijft: “Daarom zegt Christus bij zijn komst in de wereld: ’Hier ben ik’, want dit staat in de Schrift over mij geschreven: ‘Ik ben gekomen, God, om uw wil te doen.” Om het onderscheid tussen zeggen en doen te overbruggen.

In deze perikoop uit het Lucas-evangelie is een ander aspect aan de beurt. De priester leerde de mensen over de wet en de Leviet begeleidde de ceremoniële handelingen. Ze verwijzen allebei naar de wet, maar: “noch de geboden, noch het bloed kan ons het leven geven”, schrijft Paulus in de Hebreeën-brief (Hebr. 10,4) Jezus vertelt dit verhaal aan een wetgeleerde, die niets van Jezus wil hebben. Waarom niet? Omdat Jezus zichzelf even daarvóór gepresenteerd heeft als de Zoon van God de Vader. In Lucas 10, iets eerder dan deze perikoop, in hetzelfde hoofdstuk, vers 21-22 zegt Jezus: “Ja, Vader, zo hebt u het gewild. Alles is mij toevertrouwd door mijn Vader, en wie de Vader is weet alleen de Zoon en iedereen aan wie de Zoon het wil openbaren.” En dat is voor een Jood niet te aanvaarden. Deze Jezus, Hij is niets anders dan een godslasteraar, die even een nieuwe godsdienst komt brengen, waarvan hij de hoofdpersoon is. De wetgeleerde stelt hem op de proef (Lucas 10,25) en even later wil hij zich tegenover Jezus rechtvaardigen en vraagt aan Jezus: ‘Wie is mijn naaste?’ Wanneer men een Jood een vraag stelt, antwoordt hij met een verhaal. De Barmhartige Samaritaan - van Gogh 1880Dan vertelt Jezus hem de gelijkenis van de barmhartige Samaritaan. Tenslotte vraagt Jezus: ‘Wie van deze drie is volgens u de naaste geworden van het slachtoffer van de rovers?’ De wetgeleerde zei: ‘De man die medelijden met hem heeft getoond.’ Toen zei Jezus tegen hem: ‘Doet u dan voortaan net zo.’
Jezus ontmaskert de man. De wetgeleerde dacht namelijk beter dan Jezus te weten wie zijn naaste is. Hij verwachte van Jezus het antwoord: “Iedereen die mij volgt, is mijn naaste.” Op dat antwoord hoopt de wetgeleerde, zodat hij kan zeggen: “Zie je wel, deze Jezus staat alléén in zijn visie. Kom op Israël, laten we de échte God weer gaan dienen in plaats van deze malloot!” Maar Jezus is geen politicus en zijn taak was het die wet, de Joodse Tora, die zijn tegenstander verdedigde in praktijk te brengen.
Ik wil even doorgaan over de wetgeleerde. Het Lucas-evangelie waaruit deze perikoop is genomen, heeft waarschijnlijk rond het jaar 80 na Christus zijn huidige vorm gekregen. We weten dat de Tempel van Jeruzalem in 70 na Christus door generaal Titus is verwoest. De Titus-boog in het Forum herinnert eraan. Een fotoserie van de boog is te vinden het Joods Museum onder de Synagoge, waar ik begin deze week nog was. Na de verwoesting van de tempel en de deportatie van Joodse slaven naar Rome, hebben voornamelijk de Farizeeën en wetgeleerden getracht het jodendom opnieuw te organiseren, waarbij geen nieuwlichters of andersdenkenden werden getolereerd. Het waren de Farizeeën en wetgeleerden die hun stempel op het hele latere Jodendon hebben gedrukt. Zij waren van mening, dat de Tora aan het volk van Israël gegeven is om het leven mogelijk te maken, niet om de mens te onderwerpen. Er waren - zeker weten, in de tijd waarin de Evangelies geschreven zijn, fricties tussen Joden en Joodse christen en die hun weerslag hebben gevonden in de Evangelies, zoals ook vandaag bij Lucas te herkennen is. Het verwondert dus niet, dat de gangbare christelijke opinie de Joodse wet of Tora: ‘oud’ en ‘voorbij’ vindt. De wet is overbodig; ‘geen heil buiten God’.

Maar we hebben niet goed opgepast en Jezus losgesneden van zijn Joodse wortels. In het boek: “A Rabbi Talks with Jesus. An Inter-millennial, Interfaith Exchange” uit 1993 van de grote Rabbijn Jacob Neusner, door indertijd nog kardinaal Ratzinger graag geciteerd, wordt de leer van Jezus vergeleken met die van de Joodse traditie. Tenslotte wordt hem de vraag gesteld, wat dan het verschil is tussen die leer van Jezus en de Joodse traditie. Neusner antwoordt: “Die is er praktisch niet”. Heeft hij dan wat weggelaten?” “Nee, niets.” “Heeft Hij dan iets toegevoegd? Jazeker: ”Zichzelf”. Zo citeerde in 2002 de Amerikaanse Rabbijn Bemperod in een lezing aan het eucumenische Centro Pro Unione in het Doria Pamphili paleis. Er is dus geen sprake van een verschrikkelijk hoge scheidsmuur tussen het Oude Verbond op de Sinaï door Jahweh geschonken en wat Jezus ons uitlegt.

In alle voorkomende bijbelvertalingen wordt het woord “wet” of “gebod” gebruikt om de Tora aan te duiden. Toch betekent Tora veel méér, iets veel mooiers: ‘levensonderricht’, ‘woord tegen de dood’, ‘bevrijdend woord’. De Tora is sinds Sinaï in handen gegeven van de mens. Het is aan de mens om ermee en ernaar te leven. Gebruikt immers Johannes in de proloog van zijn Evangelie niet de beeldspraak van het Woord van God, de Tora dus, dat ‘bij God’ was in den beginne, en is vlees geworden, een tastbare mens? Zoals God liefde is, omdat Hij liefde doet, zo redeneert het Johannesevangelie, zo is Jezus de Tora, want hij doet de Tora.

Jezus‘ gelijkenis over de Samaritaan is verrassend scherp. In plaats van de vraag van de wetgeleerde te beantwoorden, stelt hij na het verhaal zelf een andere vraag: ‘Wie is de naaste gewórden?’ Oftewel: een naaste bepaal je niet zelf (wat de wetgeleerde namelijk wel doet - en ik denk, wij niet minder: ‘iedereen die net als hij denkt, is zijn naaste’), maar een naaste overkómt en krijg je. De wetgeleerde moet ontdekken, dat Jezus hem als zijn naaste beschouwt. Net als in de gelijkenis, is de wetgeleerde de naaste van Jezus gewórden, toen hij met zijn vragen op Jezus afstapte. De wetgeleerde moet alleen ontdekken dat hijzelf het slachtoffer is (van zijn eigen denkwijze) en dat deze Jezus de barmhartige Samaritaan is die hem wil verzorgen. Ook voor hem wil Jezus zijn leven geven.

De Samaritaan. Deze wordt beschreven als iemand die reist, zoals Jezus constant op reis is. De Barmhartige Samaritaan wordt met ontferming bewogen, zoals de evangelisten Jezus zo vaak beschrijven. Het begint dus duidelijk te worden dat de ‘wet alleen’” niet voldoende is om iemand te redden. De vergelijking gaat verder, wanneer we zien dat de barmhartige Samaritaan niet alleen op weg is, en even te hulp schiet, maar de uitgeschudde reiziger naar de Herberg brengt waar hij borg staat voor de schulden. Hoewel de tekst op de eerste plaats letterlijk dienst te worden gelezen, kan de Samaritaan bovendien worden geduid als een symbool voor anderen. Men kan de Samaritaan dus zien, als beeld van Jezus die de zieken en gewonden langs de weg verzorgt, of als het ideaalbeeld van wie christen wil zijn. Dit prachtige verhaal maakt duidelijk, dat de weg naar Jeruzalem niet alleen is geplaveid met goede voornemens, maar met consequente acties.


Credo




Voorbeden

Priester: Goede God, bidden we voor allen die hunkeren naar uw weldadige nabijheid:

lectrice: Teresa Murkens
Lector: Voor mensen die hun eenzaamheid niet meer kunnen dragen, die zich overal teveel of overbodig voelen, dat wij niet voorbijgaan aan het lijden van deze mensen,
Laat ons zingend bidden...
Heer onze God, wij bidden U, verhoor ons...

Voor mensen die moeten leven in een wereld zonder toekomst, voor mensen die tevergeefs naar voedsel en onderdak zoeken, voor kinderen die proberen te overleven in de krottenwijken van Johannesburg of elders, dat voor hen allen de droom van een beter leven in vervulling mag gaan,
Laat ons zingend bidden...

Voor mannen, vrouwen en kinderen die worden opgejaagd door oorlog, die hun bezit en alles wat hen dierbaar is in rook zien opgaan, dat voor hen de dag van vrede mag aanbreken...
Laat ons zingend bidden...

Voor allen die op vakantie gaan in landen waar sociale en economische ontwikkeling nog in volle gang is, dat zij niet blind mogen zijn voor de medemens langs de weg en zich bewust mogen blijven van hun christelijke verantwoordelijkheden,
Laat ons zingend bidden...

Voor de nieuwe Brugse bisschop Mgr. De Kezel, die gisteren in de kathedraal van Brugge werd aangesteld. Dat God hem moge bijstaan in deze moeilijke periode voor de kerk in België,
Laat ons zingend bidden...

Voor allen die ziek zijn in parochie-,vrienden- en kennissenkring, met name voor Ewald Brouwers, die stervende is en voor Amelberga Duijf. Dat zij en al onze zieken kracht moge vinden,
Laat ons zingend bidden...

Voor hen die gestorven zijn, voor de ouders van Antonio, Heliodora en Antoine en heel in het bijzonder voor Dolly Benedetti-Van Mierlo, van wie we gisteren afscheid hebben genomen tijdens de uitvaart in deze kerk. Dat zij, en al onze dierbare overledenen bij God eeuwige vrede en verkwikkende rust moge vinden,
Laat ons zingend bidden...

Priester: Goede God, behoed ons ervoor dat we onze ogen sluiten voor het leed van anderen. Houd onze ogen open voor wat gaande is in onze wereld en moge de geest van Jezus ons solidair doen zijn. Dat vragen wij door Jezus Christus die met U en met de Heilige Geest leeft tot in eeuwigheid. Amen


Eucharistische Dienst


Offerande




Gebed over de Gaven


"Door Hem en met Hem..."


Vredeswens




Communie

cantor pater Piet Cuijpers en organist Joost Groenewegen
Communiezang: "De eerste uit de doden, die sterft en eeuwig leeft..."


Slot




Slotgebed, zegen en wegzending




"Mijn schild ende betrouwe..."


Na de Viering


























De koffieverzorging was vandaag in handen van Teresa (l) en Renée

© Ontwerp en techniek Digital Wingz 2010

5 september
23e Zondag door het jaar

12 september
24e Zondag door het jaar

19 september
25e Zondag door het jaar

22 september
Vesper Vredesweek

26 september
26e Zondag door het jaar



COLOFON

Hoofdredactie:
John van Deventer
johnvandeventer@friezenkerk.nl

Redactie:
Teresa Murkens (foto’s)
Piet Cuijpers
Kees van Duin

Medewerking van:
Didier Lucas (foto’s)
John Rijks (foto’s)

Contact
redactie@friezenkerk.nl

Bestuur Friezenkerk
bestuur@friezenkerk.nl

Stichting Vrienden
van de Friezenkerk

giro 4640
T.n.v. Stichting ‘Vrienden van de Kerk der Friezen’ te Hilversum.